Ziekte en arbeidsbemiddeling

Als klant mag je jezelf altijd ziek melden. Zorg altijd dat je een doktersverklaring krijgt van de huisarts, een psycholo-gisch deskundige of andere medisch specialist. Voor de zekerheid kun je ook een aangetekende brief sturen naar de Sociale Dienst. Bewaar het bewijs hiervan goed. Vul ook op je werkbriefje in dat je ziek bent. De procedure is dan als volgt. De Sociale Dienst zal na de ziektemelding om een keuring vragen. Ze zijn gehouden een zorgvuldige beslissing te nemen na je ziekmelding. Zij willen zeker weten dat je niet kunt werken. Vraag altijd een beschik-king van de Sociale Dienst bij een (officiële) keuring bij een bureau dat een arbeidsongeschiktheids-verklaring moet afgeven. Het komt wel eens voor, dat het reïntegratiebedrijf of de Sociale Dienst je ziekmelding niet accepteert. Je wordt dan onder druk gezet je werkzaamheden of traject voort te zetten of te beginnen. Bij eventuele beroepsprocedures zal in dezen dus worden afgewogen of er sprake is van een zorgvuldige beslissing. Bij die afwegingen wordt men echter wel steeds strenger. In Amsterdam zijn keuringsbureau’ s ingeschakeld die op basis van zeer strenge keuringen mensen massaal goedkeuren. De mensen hebben het gevoel in een soort vee-keuring terecht te zijn gekomen, waarbij men zich vernederd voelt door de wijze waarop men behandeld wordt, door de opmerkingen die artsen, psychologen en arbeidsdeskundigen maken en door de geringe aandacht die men besteedt aan de klachten waarmee klanten komen. Mensen die al meerdere keuringsartsen in de loop van de tijd hebben gezien en die al-tijd zijn afgekeurd worden nu in een gesprekje van 20 minu-ten met iemand van het commercieel keuringsbedrijf weer goedgekeurd. ‘Doet u vrijwilligerswerk? O, dan kunt u wel werken’.

Een tweede probleem heeft betrekking op hoe de sociale dienst met de uitslagen van de keuringen omgaat. Hoewel de keuringsinstituten vaak mensen goedkeuren, wordt daarbij toch wel een rapport gemaakt, waarin op meer genuanceerde wijze wordt aangegeven wat de actuele belast-baarheid van iemand is, voor welke functies hij/zij in aanmer-king komt en op welke termijn daadwerkelijk betaald werk mogelijk is, dwz wat er eerst moet gebeuren qua begeleiding of sociale activering om iemand op termijn betaald werk te kunnen laten verrichten. In Amsterdam is de ervaring, dat de klantmanager soms wel aan de nuanceringen in het keurings-rapport (eerst is begeleiding noodzakelijk en pas op termijn toeleiding naar betaald werk) voorbijgaat en iemand gewoon direct doorstuurt naar een bedrijf dat bijvoorbeeld de partici-patiebanen uitvoert: meteen beginnen. Knelpunt in de keu-ringsrapporten is verder, dat de belastbaarheid vaak op geen enkele manier wordt gekwantificeerd, wat de sociale dienst vervolgens in haar beschikking op basis van het keuringsrap-port wel doet. ‘Je bent voor 20 (of bv 36) uur goedgekeurd, dus je moet voor dat aantal uren breed solliciteren naar alle gangbare arbeid’. Zonder verdere motivatie. Op de noodzaak van motivatie van beschikkingen wordt in het hoofdstuk over beroepsprocedures verder ingegaan. Terwijl in het keurings-rapport staat dat iemand alleen belastbaar is in bepaalde func-ties, en dat iemand op dit moment op eigen kracht geen werk kan vinden, maar dat eerst begeleiding nodig is, en dat sollici-teren pas op termijn zinvol lijkt. Mensen moeten dan gaan onderhandelen met slecht bereikbare, overbelaste en langs elkaar heen werkende ambtenaren van de Sociale Dienst, of de bezwaarschriftprocedure ingaan, om ervoor te zorgen dat overeenkomstig het keuringsrapport wordt gehandeld. Dit kost ontzettend veel energie, frustraties en slapeloze nachten bij mensen die vaak maar beperkt met dit soort dingen belast-baar zijn. Er ontstaat dan een vaak schimmig spel van argu-menten van de klant, mondelinge toezeggingen door de een ambtenaar, die door de volgende weer worden ingetrokken, etc. Er zijn voorbeelden van mensen die het wel lukte, na eerst in de beschikking voor een beperkt aantal uren volledig goedgekeurd te zijn, om duidelijk te maken dat de actieve sol-licitatieplicht pas op wat langere termijn speelt, en dat nu al-leen sociale activering aan de orde is, waarna betrokkene toe-stemming kreeg zelf gekozen vrijwilligerswerk te doen, maar je moet soms praten als Brugman om je gelijk te krijgen. Een discussiepunt is ook nog wel eens of iemand een bepaal-de therapie wel of niet moet volgen om zich beter te voelen en om de kansen op de arbeidsmarkt te vergroten. Dat hoef je niet zomaar te doen. Soms gaat de Sociale Dienst ambtenaar of reïntegratieadviseur daar zeer ondeskundig mee om.

Een mevrouw heeft een gesprek met de Sociale Dienst, die haar duidelijk maken dat ze niet onder de categorie van de sociale werkvoorziening valt. Ze zeggen dat ze maar een the-rapie moet volgen om van haar fobie af te komen. De client heeft echter al diverse therapien geprobeerd en is daarvoor zelfs opgenomen geweest, maar ze heeft de therapien steeds afgebroken omdat ze naar eigen zeggen ‘in een hel terecht-kwam’. Maar nu zegt de sociale dienst ambtenaar dat er wel therapien zijn om ervan af te komen. Ze maakt een uitdraai van internet van de Vereniging voor psychotherapeuten (de belangenvereniging van die groep) en zegt dat ze moet bellen om een verwijzing te vragen. De huisarts heeft inmiddels ech-ter al een brief geschreven dat therapie op dit moment niet mogelijk is en zeker niet als de clienst zelf het belang of het perspectief ervan niet inziet. Daarop wordt de klant in het laatste gesprek meegedeeld, nadat ze haar bezwaren naar vo-ren heeft gebracht, dat ze niet meewerkt en een therapie moet volgen en dat haar een sanctie van 200 euro per maand zal worden opgelegd wegens onvoldoende medewerking. De klant heeft slapeloze nachten van het gebeurde en wacht op de beschikking. Commentaar van de klant: ze willen je in een hokje duwen en als je daar niet inpast, ben je de klos’. Wij denken dat deze mevrouw bij een beroepsprocedure wel een kans maakt gelijk te krijgen, maar zeker weet je het nooit.

Tenslotte: hou er rekening mee dat ook onder onafhankelijke medische specialisten een discussie is ontstaan over de ‘voordelen van ziek zijn’. In het extreme geval: je wilt iets niet, je bent gezond, maar je meldt je maar ziek en vraagt een medisch specialist een verklaring af te geven. Meestal ligt het heel wat gecomliceerder en genuanceerder. Ook in de me-dische beroepsgroep staat men steeds kritischer tegenover de klant of patient, voorzover het zijn of haar eigen verantwoor-delijkheid voor zijn of haar gedrag betreft. Daar komt nog bij, dat medische deskundigen, bijvoorbeeld huisartsen, soms ook nog onder druk worden gezet door ambtenaren van uitke-ringsinstanties, ‘geen briefjes te schrijven’ of verklaringen af te geven. De arts schrijft dan een pilletje voor en zegt met zo-veel woorden dat hij verder niets voor je kan doen.

Tenslotte: helaas. Als je een reintegratie-traject niet volhoudt, omdat je ziek bent, of het niet meer aankunt, of als de klant-manager je ergens naartoe stuurt waarvan je denkt: ‘ dat kan ik nooit aan’ dus ik doe het niet, en je stopt ermee, dan kan de klantmanager twee dingen doen: hij kan je klacht accepteren en je met rust laten en voordragen voor een keuring om de situatie door een deskundige te laten beoordelen. Maar hij kan ook voet bij stuk houden en zeggen: ik geef jouw op-dracht ernaar toe te gaan en deel te nemen en zo niet, volgt een sanctie. Daar kun je dan tegen in bezwaar gaan. (Een sanctie of zelfs opschorting en stopzetting van de uitkering) Maar…. Een bezwaarprocedure heeft geen opschortende wer-king. Dus je krijgt dan je geld pas weer als je in bezwaar ge-lijk krijgt.