|
Ziekte en arbeidsbemiddeling Een tweede probleem heeft betrekking op hoe de sociale dienst met de
uitslagen van de keuringen omgaat. Hoewel de commerciële keuringsinstituten
vaak mensen goedkeuren, wordt daarbij toch wel een rapport gemaakt, waarin
op meer genuanceerde wijze wordt aangegeven wat de actuele belast-baarheid
van iemand is, voor welke functies hij/zij in aanmer-king komt en op welke
termijn daadwerkelijk betaald werk mogelijk is, dwz wat er eerst moet
gebeuren qua begeleiding of sociale activering om iemand op termijn betaald
werk te kunnen laten verrichten. In Amsterdam is de ervaring, dat de klantmanager
soms wel aan de nuanceringen in het keurings-rapport (eerst is begeleiding
noodzakelijk en pas op termijn toeleiding naar betaald werk) voorbijgaat
en iemand gewoon direct doorstuurt naar een bedrijf dat bijvoorbeeld de
partici-patiebanen uitvoert: meteen beginnen. Knelpunt in de keu-ringsrapporten
is verder, dat de belastbaarheid vaak op geen enkele manier wordt gekwantificeerd,
wat de sociale dienst vervolgens in haar beschikking op basis van het
keuringsrap-port wel doet. ‘Je bent voor 20 (of bv 36) uur goedgekeurd,
dus je moet voor dat aantal uren breed solliciteren naar alle gangbare
arbeid’. Zonder verdere motivatie. Op de noodzaak van motivatie
van beschikkingen wordt in het hoofdstuk over beroepsprocedures verder
ingegaan. Terwijl in het keurings-rapport staat dat iemand alleen belastbaar
is in bepaalde func-ties, en dat iemand op dit moment op eigen kracht
geen werk kan vinden, maar dat eerst begeleiding nodig is, en dat sollici-teren
pas op termijn zinvol lijkt. Mensen moeten dan gaan onderhandelen met
slecht bereikbare, overbelaste en langs elkaar heen werkende ambtenaren
van de Sociale Dienst, of de bezwaarschriftprocedure ingaan, om ervoor
te zorgen dat overeenkomstig het keuringsrapport wordt gehandeld. Dit
kost ontzettend veel energie, frustraties en slapeloze nachten bij mensen
die vaak maar beperkt met dit soort dingen belast-baar zijn. Er ontstaat
dan een vaak schimmig spel van argu-menten van de klant, mondelinge toezeggingen
door de een ambtenaar, die door de volgende weer worden ingetrokken, etc.
Er zijn voorbeelden van mensen die het wel lukte, na eerst in de beschikking
voor een beperkt aantal uren volledig goedgekeurd te zijn, om duidelijk
te maken dat de actieve sol-licitatieplicht pas op wat langere termijn
speelt, en dat nu al-leen sociale activering aan de orde is, waarna betrokkene
toe-stemming kreeg zelf gekozen vrijwilligerswerk te doen, maar je moet
soms praten als Brugman om je gelijk te krijgen. Een discussiepunt is
ook nog wel eens of iemand een bepaal-de therapie wel of niet moet volgen
om zich beter te voelen en om de kansen op de arbeidsmarkt te vergroten.
Dat hoef je niet zomaar te doen. Soms gaat de Sociale Dienst ambtenaar
of reïntegratieadviseur daar zeer ondeskundig mee om. Tenslotte: helaas. Als je een reintegratie-traject niet volhoudt, omdat je ziek bent, of het niet meer aankunt, of als de klant-manager je ergens naartoe stuurt waarvan je denkt: ‘ dat kan ik nooit aan’ dus ik doe het niet, en je stopt ermee, dan kan de klantmanager twee dingen doen: hij kan je klacht accepteren en je met rust laten en voordragen voor een keuring om de situatie door een deskundige te laten beoordelen. Maar hij kan ook voet bij stuk houden en zeggen: ik geef jouw op-dracht ernaar toe te gaan en deel te nemen en zo niet, volgt een sanctie. Daar kun je dan tegen in bezwaar gaan. (Een sanctie of zelfs opschorting en stopzetting van de uitkering) Maar…. Een bezwaarprocedure heeft geen opschortende wer-king. Dus je krijgt dan je geld pas weer als je in bezwaar ge-lijk krijgt. |